Happy Spark Australian Shepherds
About Us
The Aussie
MDR1
Oogafwijkingen
HD en ED
HD en ED

HD - Heupdysplasie

HD staat voor heupdysplasie. Heupdysplasie is een (erfelijke) afwijking aan de heupgewrichten waarbij de ontwikkeling van de heupen bij een jonge, hond niet normaal verloopt. Dit kan leiden tot (ernstig) misvormde gewrichten. De ontwikkeling van HD is voor een deel erfelijk bepaald en is voor een deel afhankelijk van omgevingsfactoren.

Omdat het erfelijk is, is het belangrijk om honden waarmee we willen fokken te testen op HD. Dit kan door een röngenfoto te laten maken en deze te laten beoordelen door bijvoorbeeld de FCI (Europa) of OFA (Amerika). De foto wordt beoordeeld op de vorm van de heupkommen en de heupkoppen, de diepte van de heupkommen, de aansluiting van de heupkoppen in de heupkommen, en de aanwezigheid van botwoekeringen langs de randen van de heupgewrichten.

Voor het onderzoek moet de hond minimaal 12 maanden oud zijn.

Het onderzoek kan de volgende resultaten geven:

  • HD A (OFA Excellent/Good) - Goede heupen, geen HD
  • HD B (OFA Fair) - Overgangsvorm met tekenen van HD, maar er mag gefokt worden met de hond
  • HD C (OFA Mild HD) - Licht positief
  • HD D (OFA Moderate HD) - Positief met afwijkingen passend bij het ziektebeeld van HD
  • HD E (OFA Severe HD) - positief, heupgewrichten zijn ernstig misvormd

Norbergwaarde

De Norbergwaarde geeft informatie over de diepte van de heupkommen en de aansluiting van de koppen in de kommen. Bij een normaal heupgewricht is de som van de Norbergwaarden minstens 30. De maximale score is 40. Bij een lagere waarde heeft de hond dus ondiepe heupkommen en/of een slechte aansluiting van de gewrichtsdelen.

ED - Elleboogdysplasie 

Elleboogdysplasie-onderzoek is een (erfelijke) afwijking en richt zich op 4 verschillende aandoeningen van het ellebooggewricht, die echter alle op den duur tot misvorming van het gewricht en kreupelheid kunnen leiden.

Het zijn ontwikkelingsstoornissen van met name het kraakbeen in gewrichten die onder invloed van erfelijke en andere factoren ontstaan. Sommige honden kunnen hiervan op jonge leeftijd reeds ernstige problemen ondervinden. Bij andere zullen pas op latere leeftijd de ernstige misvormingen in het gewricht aanleiding zijn tot kreupelheid.

De term "Elleboogdysplasie" wordt gebruikt, wanneer een of meer van de volgende aandoeningen in een ellebooggewricht aanwezig is of zijn:

  • OCD (Osteochondritis dissecans, loslaten van een stukje kraakbeen van de bovenarm)
  • LPC (Los processus coronoïdeus, loslaten van een stukje bot van de ellepijp)
  • LPA (Los proc.anconeus , loslaten van een stuk bot op een andere plaats van de ellepijp)
  • Incongruentie (een niet goed "passend" gewricht door een te lange of te korte ellepijp ten opzichte van het spaakbeen). 

Voor het onderzoek moet een hond minimaal 18 maanden oud zijn.

Het onderzoek kan de volgende resultaten geven:

  • Vrij (geen afwijkingen)
  • Grensgeval (lichte afwijking)
  • Graad 1
  • Graad 2Graad 3

bron: www.raadvanbeheer.nl en www.workingaussies.com